Az der rebe Elimelech
Toen rabbijn Elimelech heel vrolijk werd,
heeft hij zijn jas uitgedaan
en heeft zijn hoed opgezet
en twee violisten laten halen.
En toen de violige violisten
violig hebben gespeeld,
hebben zij violig gespeeld,
dat hebben zij.
Toen rabbijn Elimelech nog vrolijker is geworden,
heeft hij hawdole [ritueel aan het einde van de sabbat] gemaakt
met de koster Naftole
en twee cimbalisten laten halen.
En toen de cimbalige cimbalisten
cimbalig hebben gespeeld,
hebben zij cimbalig gespeeld,
dat hebben zij.
En toen rabbijn Elimelech ontzettend vrolijk is geworden,
heeft hij zijn gebedsriemen uitgedaan
en zijn bril gepoetst
en twee paukenisten laten halen.
En toen de paukige paukenisten
paukig hebben gespeeld,
hebben zij paukig gespeeld,
dat hebben zij.